Het volledige artikel is te lezen in Donau 2009/03.
Labyrinth
Als er al zoiets bestaat als een Balkanstrip, dan is die zeker volledig onbekend in Nederland. Waar de muziek uit ex-Joegoslavië een ware rage ontketende in de CD- en boekenwinkel, op concertpodia en in de leeskringen, bleef de stripcultuur nog een goed bewaard geheim. Met deze Donau wordt er een tip van de sluier opgelicht, al blijft het bij een tip. Wie meer wil weten doet er goed aan de refenties in dit artikel en die van de andere auteurs in dit strip-nummer te googlen. Door dit te doen treed je een wereld binnen die alleen al door de wanorde fascineert: een labyrinth aan – soms chaotisch georganiseerde - creatieve projecten en vaak mottig geprinte blaadjes. De stijl van de ex-Joegoslavische alternatieve strip doet denken aan die van punk en new wave in de popmuziek: duister, ironisch en bewust gruizig.
Deze scenevan strip-schrijvers en tekenaars van de Balkan, die zich voornamelijk bevindt in de grotere steden van het voormalig Joegoslavië (Belgrado, Zagreb, Ljubljana, Sarajevo), diende voor mij als inspiratie voor een jeugduitwisseling die ik met Donau-uitgever Platform Spartak afgelopen september in Belgrado organiseerde. Vijfentwintig jongeren doken tien dagen onder in de wondere wereld van de ex-Joegoslavische strips en kwamen er uit met verrassende nieuwe beeldverhalen.
Joegoslavische strips
Strips (comics) zijn van oorsprong vooral een Amerikaans fenomeen. Tenzij we middeleeuwse miniaturen of het tapijt van Bayeux als een stripverhaal zouden kunnen typeren, komen de eerste beeldverhalen met tekstballonnetjes en ‘beeldtaal’ als sterretjes (wanneer iemand op zijn hoofd valt) toch uit het Amerika van na de Eerste Wereldoorlog.
Deze comics met hoofdfiguren die variëren van superhelden (Superman, Batman etc.) tot sukkelige anti-helden als Donald Duck, inspireerden de Europeanen al snel tot het maken van eigen strips. Op het continent kunnen we – grosso modo - een paar landen als stripgrootmachten aanwijzen in Frankrijk, België en Italië. Wie in de Waals-Franse school strips maakt, is een serieuze kunstenaar die ook als zodanig wordt gewaardeerd.
Omdat strips zich vooral na de Tweede Wereldoorlog in Europa gingen verspreiden en ontwikkelen, ligt het voor de hand dat de Koude Oorlog hier ook zijn invloed heeft uitgeoefend. Zoals blijkt uit de artikelen van Zdravko Zupan en Didier Ghez in deze Donau, was het voor de Oost-Europeanen die na 1945 achter het IJzeren Gordijn ‘verdwenen’ niet eenvoudig om de internationale stripcultuur te blijven volgen. Dit gold voor de meeste Oost-Europese landen, behalve voor Joegoslavië, dat vanaf 1948 besloot om het gezicht niet uitsluitend naar het Oosten te richten. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Joegoslavië in de regio het broeiende centrum voor strips werd.
Aanvankelijk kopieerden de lokale Joegoslavische striptekenaars de stijl van de Frans-Waalse en de Amerikaanse school. Dit resulteerde onder andere in bijvoorbeeld Servische versies van Asterix (met een lokale ‘barbaarse’ held) en Mickey Mouse. Maar een specifiek zwarte ironie, die onmiskenbaar aan de cultuur en humor van de Slaven en dan met name de Zuid-Slaven kleeft, kroop daarbij het gebruikte strip-idioom in. Aleksandar Zograf, de belangrijkste Servische striptekenaar van dit moment, zei hierover ooit in een interview: “I think that artists from Eastern Europe share a sense of absurdity - we are living in a world where things are rather out of hand, and where the overall atmosphere is irrational.”
Oorlog: een wereld vol nonsens
Deze ‘irrationele’ sfeer van Oost-Europa is grotendeels veroorzaakt door de recente geschiedenis van communisme, transitie, en wat betreft de landen van ex-Joegoslavië, door oorlog. Ironisch genoeg is het precies die oorlog geweest die de Joegoslavische stripcultuur op een hoger plan heeft gebracht. De vernietiging van de staat Joegoslavië, de ontwrichting van de samenleving, de honger, de dikke stroperige propaganda die door de televisie werd verspreid, dit alles leverde de perfecte ingrediënten voor tragikomische thematiek. Met andere woorden, de wereld veranderde gedurende de oorlog in een wreed stripverhaal.
Het is in die periode dat een paar Servische striptekenaars uit kleinere steden in Vojvodina (Noord-Servië) besloten om de wereld om hen heen en de gevoelens van verwarring en vervreemding in strips om te zetten. In de keuken van de eerder genoemde Aleksandar Zograf kwamen ze samen om te schrijven en te tekenen. De sfeer en stijl van deze zogenaamde ‘keuken-sessies’ was zeer los: met papier en pen werden de verhalen ‘doorgegeven’ en uiteindelijk geprint in kleine oplages.
Sommige tekenaars verbeeldden de gruwelen van de oorlog in kleine observaties en overdenkingen. Tot deze categorie behoort Zograf’s werk van. Met korte, menselijke verhaaltjes over het dagelijks leven onder de sancties probeerde hij zijn demonen te bezweren. Gruwel en onzin liggen erg dicht bij elkaar in zijn werk uit de jaren negentig. Of zoals hij zelf zegt: “De wereld vol van nonsens bracht me dichter bij het diepste mysterie.”
Andere tekenaars, zoals Wostok, brachten hun stijl terug tot een rauw en hard zwart-wit-beeld. Zonder nuances, maar wel met sterke, symbolische beelden die corresponderen met emoties die tijdens de oorlog voelbaar waren.
Comic jams
Het zijn vooral Aleksandar Zograf, Wostok en de mensen rondom de ‘Keuken-sessies’ geweest die mij hebben geïnspireerd om de ex-Joegoslavische strips te bestuderen. Toen mensen mij in 2004 voor het eerst een Keuken-fanzine in de handen drukten, was dit een openbaring voor me. Zwart-wit plaatjes met simpele teksten, maar doeltreffend en spannend samengebracht. In een grote variatie aan stijl, kwaliteit en toon kon zo’n boekje met amper twintig pagina’s me een hele dag bezighouden.
Een belangrijke uiting van de ex-Joegoslavische striptekenaars-scene is de comic jam , die vaak werd geinitieerd door Wostok (pseudoniem van Danilo Milosev). Een comic jam functioneert als een jam sessie, maar dan met tekenaars. Aan de hand van bepaalde thema’s (een scenario, een paar ‘helden’ of ‘figuren’) gaan verschillende tekenaars met elkaar aan de slag: ze vertekenen het verhaal in frames, kopiëren elkaars stijlen en borduren er op voort.
Bijzonder is Wostok’s werkwijze. Hij richt zich met zijn comic jams graag op complete amateurs: door hemzelf zorgvuldig bewerkte scenario’s zet hij op vellen papier en maakt er frames omheen, waarna hij met de hele berg papieren onder zijn arm over de wereld trekt en mensen vraagt om een vlak of frame in te vullen. De amateurs, die hij prikkelt met het verhaal of de berg rommelige strips, beseffen dat ze met hun soms zeer matige tekenstijl kunnen bijdragen aan een heel palet van plaatjes dat de lezer verrast als een ingewikkeld patchwork. Niet zozeer het verhaal of de coherentie van het stripverhaal, maar de veelheid aan lijnen en figuren, is het resultaat dat fascineert.
Deze aanpak is uiteindelijk uniek voor de ex-Joegoslavische scene gebleken, aangezien nergens zoveel wordt gejamd als in Belgrado, Sarajevo, Ljubljana en Zagreb. Zeker de laatste jaren is het contact tussen jonge striptekenaars uit de verschillende ‘Joegoslavische’ landen sterk verbeterd.
De rauwe energie van de tekenaars die hun diepste oorlogsemoties moesten uiten heeft echter plaatsgemaakt voor een meer beschouwende stijl. Het verschil bijvoorbeeld tussen Zograf’s bittere beschrijvingen uit het ‘oorlogsdagboek’ Regards from Serbia en de vrolijke, Martin Bril-achtige observeringen in zijn huidige strip-column in het weekblad Vreme, tonen aan dat de tekenaars van weleer ouder zijn geworden. Niettemin, de vrijheid die ze voor zichzelf gecreëerd hebben kan nu ook door meer en volledig anderssoortige strip-artiesten benut worden.
Jeugduitwisseling ‘Strip it!’
De
scene van ‘Keuken’, Wostok en Zograf inspireerde me om een jeugduitwisseling te organiseren waarbij Europese striptekenaars in Belgrado tot een comic jam komen. Met striptekenaars uit Tsjechië, Nederland, Spanje, Bosnië en Servie kon dit alleen maar resulteren in een bont geheel. De ontmoeting van striptekenaars werd georganiseerd en gemodereerd in samenwerking met lokale partners – grotendeels afkomstig uit de merkwaardige Vojvodijnse industriestad Pančevo.
Deze stad, iets ten noorden van Belgrado, kent een levendige stripcultuur. Tussen 2000 en 2005 werden hier de succesvolle Grrrr!-festivals gehouden, waar alternatieve strips uit heel Europa en zelfs uit de Verenigde Staten een plek vonden in tentoonstellingen. Dankzij de creatieve programmering van Zograf, Wostok en de mensen achter het lokale kraakpand-achtige cultuurcentrum Elektrika groeide dit jaarlijkse festival uit tot een bijzonder evenement van bloeiend optimisme.
Het programma van Strip it! bevatte niet alleen comic jams , maar ook excursies naar musea, Pancevo en Belgrado – alles om de ‘wereld vol nonsens’ te bezien en te beleven. De hele jeugdontmoeting van tien dagen was op vele manieren een open vraag. Een experiment. Bijvoorbeeld: over de stripcultuur van Tsjechië en Spanje is (in ieder geval buiten deze landen zelf) weinig bekend. Tijdens een stripbeurs in de week dat Strip it! plaatsvondt, bleek dat een stripverhaal dan ook een ruim begrip is dat op meerdere manieren kan worden uitgelegd. De Tsjechen, die artistiek gezien een lange traditie van wonderschone en bitterzoete filmanimaties kennen, toonden foto-strips met poppen in de stijl van animatie-legendes Jan Švankmajer en Jiří Trnka. Wie deze kunstige creaties naast Joop Klepzeiker en Haagse Harry plaatst, moet goed zoeken om nog een overeenkomst tussen deze twee strip-uitingen te zien en vraagt zich waarschijnlijk af hoe een Tsjechische animatie-tekenaar samen met een Nederlandse cartoonist een graphic story kan neerzetten dat enigszins beklijft. Humor is geen eenvoudig ding, wanneer je verschillende culturen bij elkaar brengt.
Maar dat was juist het mooie van Strip it!. Net als bij Wostok’s comic jam’s konden de deelnemers met al hun verschillende tekenstijlen een geheel vormen. Niet alleen de methodologie, maar ook de inhoud werd aangepast aan de traditie van ‘nonsens’ en ‘irrationaliteit’ zoals benoemd in het citaat van Zograf. Voor de scenario’s kozen we veelal teksten uit de lokale literatuur. Hier kwam wederom ook het gevoel voor humor om de hoek kijken. Met de absurdistische short stories van de Servische absurdistische schrijver Dusan Radovic en de Russische Nikolaj Gogolj waren de mogelijkheden om het begrip ‘vervreemding’ in strips te vangen groot.
Met de afsluitende presentatie van Strip it! tijdens het internationale Belgradose stripfestival ‘Salon Stripa’ in het bekende cultuurcentrum SKC, was de losgemaakte energie echter nog niet op. Met presentaties van Strip it! in de eerder genoemde Pančevose gallerie Elektrika, een presentatie met Aleksandar Zograf in Amsterdam tijdens het Balkan Snapshots Film Festival (op 1 november) en de publicatie van een boek is de toon gezet. Veel van de resultaten van Strip it! zullen inspireren tot nieuwe inter-Europese comic jams, ook in andere landen.
(...)
Het volledige artikel is te lezen in Donau 2009/03.